
Uit een eerste uitwerking van het nieuwe beleid voor passend onderwijs van staatssecretaris Dijkstra (OCW) blijkt dat een rol voor mediation is weggelegd als ouders en school het oneens zijn.
Een abstractie van de bijlage "Uitwerking zorgplicht":
Het streven is om met ingang van 1 augustus 2012 een zorgplicht voor schoolbesturen in te voeren. De uitwerking van het wettelijk kader passend onderwijs waarin de zorgplicht een centrale positie heeft, kenmerkt zich door het zoeken naar het juiste evenwicht. Enerzijds is het van belang dat de zorgplicht ruimte laat aan de scholen en hun besturen om tot een uitwerking te komen die past bij de lokale situatie. Tegelijkertijd moet het wettelijk kader voldoende garanties bieden dat alle
leerlingen een passende plek krijgen, bij voorkeur op de voorkeursschool van de ouders.
Zorgplicht voor schoolbesturen
De zorgplicht is een resultaatsverplichting voor schoolbesturen om een passend onderwijszorgaanbod te leveren voor alle leerlingen. Dat betekent dat alle leerlingen met een behoefte aan extra ondersteuning in het onderwijs een passende plaats en passende ondersteuning
krijgen. De inzet is dat kinderen geplaatst worden of blijven op de voorkeursschool van de ouders, tenzij dat om goede redenen echt niet kan. In dat geval heeft het schoolbestuur de plicht dit goed te onderbouwen. Daarnaast dient het schoolbestuur, in overleg met de ouders een passend onderwijsaanbod op een andere school aan te bieden. De zorgplicht moet ervoor zorgen dat het niet langer mogelijk is dat leerlingen thuis zitten. De inspectie ziet toe op de uitvoering van de
zorgplicht door schoolbesturen.
Wat is passend?
De vraag wat een passend aanbod is, verschilt per situatie. Bij de beantwoording spelen verschillende aspecten een rol. Drie belangrijke zijn: de ontwikkeling van het kind, de mogelijkheden van het onderwijspersoneel in de school en de wensen van de ouders. De weging van de afzonderlijke aspecten bepaalt of een aanbod passend wordt gevonden. Gelet hierop, en gelet op het belang om ruimte te laten bij de invulling van passend onderwijs, blijft ‘passend’ een open normstelling in de wetgeving passend onderwijs.
Ondersteuning van ouders
Een belangrijk onderdeel van de nieuwe koers passend onderwijs is goede en laagdrempelige ondersteuning van ouders. Door goede medezeggenschap op het zorgaanbod van samenwerkingsverbanden en door goede informatievoorziening aan en ondersteuning van ouders
kunnen onnodige geschillen en juridisering van passend onderwijs voorkomen worden.
Ondersteuning van individuele ouders kan nodig zijn op drie momenten in het proces. Voor een vrij grote groep ouders is goede en toegankelijke algemene informatie voldoende. De specifieke informatievoorziening rondom passend onderwijs moet zo veel mogelijk aansluiten bij bestaande kanalen. Deze specifieke informatie zal met name van belang zijn voor ouders die vermoeden dat hun kind extra ondersteuning nodig zal hebben of die dat vermoeden gedurende de schoolloopbaan
van hun kind krijgen. Voor deze ouders is onder meer aanvullende informatie van belang op het niveau van de school, het niveau van het samenwerkingsverband en het landelijk niveau. Het gaat dan bijvoorbeeld over het onderwijszorgprofiel van de school, over het zorgcontinuüm van het samenwerkingsverband en over landelijke kaders en randvoorwaarden.
Veel ouders zullen voldoende hebben aan de informatie zoals hierboven beschreven. Voor een veel kleinere groep ouders is echter meer nodig. Zij hebben behoefte aan ondersteuning en deskundig advies bij het beoordelen van het aanbod van de school. Het gaat hierbij om de beoordeling van een concreet aanbod: ouders willen advies over hun kind en het aanbod dat zij van een specifieke school hebben gekregen. Zij moeten laagdrempelig een deskundige kunnen vragen om mee te
kijken met het aanbod en hen te helpen het aanbod te beoordelen. De taken van de huidige onderwijsconsulenten kunnen hiervoor uitgebreid worden. Gedacht wordt aan het vormen van een groep onderwijsconsulenten die regionaal werken en toegankelijk zijn voor ouders en scholen.
In principe zullen de eerder benoemde informatievoorziening, ondersteuning en deskundig advies in vrijwel alle gevallen voldoende zijn. In een aantal situaties kunnen ouders en school het oneens
zijn. Er wordt daarom ook de mogelijkheid van mediation tussen ouders en school gecreëerd. Bij mediation is het van belang dat de mediator een neutrale positie heeft, die de belangen van alle partijen kan afwegen en dus niet verbonden is aan één van de betrokken partijen. Ook hiervoor
wordt gedacht aan het inschakelen van de onderwijsconsulenten. Belangrijk in deze fase is het voorkomen van geschillen. Voor alle partijen is het beter om er in gezamenlijkheid uit te komen. In uitzonderlijke gevallen kan het zo zijn dat ouders en school het ook na ondersteuning van de onderwijsconsulenten en een eventueel mediation-traject oneens blijven. In dat geval komt de landelijke geschillencommissie en daarna eventueel beroep bij de Raad van State in beeld. In dit stadium kan ondersteuning niet van de onderwijsconsulenten komen: in deze uitzonderlijke gevallen komt gespecialiseerde juridische ondersteuning in beeld
De gehele bijlage is hier te vinden
De brief van staatssecretaris Dijkstra (OCW) aan de Tweede Kamer over voortgang koers passend onderwijs is hier in te zien.
bron: kamerstukken ministerie OCW